zaterdag 3 januari 2015

De klanken van een jazzballade #4: Geboorte van de koelte

Het is ruim twee weken terug dat ik voor het laatst een nieuwe 'De klanken van een jazzballade' heb geschreven. Ondertussen zijn er weer 4 nieuwe jazzalbums door de brievenbus gevallen, reden genoeg dus om weer aan de slag te gaan.

Verhaal 10: Eind 1957 bracht John Coltrane het legendarische jazzalbum 'Blue Train' uit. Het enigste album wat hij als orkestleider bij, zo'n beetje het label op gebied van jazz, 'Blue Note' opnam. En na al die jaren na de opnamesessies ligt hij nu bij mij op de draaitafel. En ik moet zeggen, ik ben onder de indruk. Niet alleen omdat dit album muzikaal zo goed in elkaar ligt, de voornaamste reden is dat ie gewoon verrekt lekker klinkt. Het verbaast me iedere keer weer als een album wat zoveel jaren geleden is opgenomen, ver voordat ik het licht van de wereld zag, nog steeds als goedje nieuw klinkt. Als je dat als artiest weet te bereiken ben je een genie in watje doet. En reken maar dat John Coltrane geniaal was in het spelen van de saxofoon.

Verhaal 11: Ik bezit twee albums van Miles Davis, 'Birth of the Cool' en sinds vandaag 'Kind of Blue'. 'Birth of The Cool' is in 1957 uitgebracht bij 'Capitol Records'' en 'Kind of Blue' is in 1959 uitgebracht bij 'Columbia'. Dat betekent dat er maar twee jaar tussen de albums zit en toch schuilt er een wereld van verschil tussen die twee albums. 'Birth of the Cool' gaat alle kanten op en swingt de kamer uit, 'Kind of Blue' daartegenin is rustig, beheerst en iedere klank klinkt wonderschoon. Miles Davis was een artiest, zoals veel geniale artiesten, die zich steeds ontwikkelde en veranderde in speelstijl. Ieder album klinkt compleet anders en juist omdat geen één album hetzelfde is, is ieder album op z'n eigen manier een meesterwerk. Als je de titels van de twee album letterlijk naar het Nederlands vertaalt luiden ze: 'Geboorte van de Koelte' en 'Soort van Blaauw'. Misschien ligt het aan mij, maar die vertaalde titels vind ik op één of andere manier prachtig klinken. Ze hebben iets poëtisch.

Verbetering: Na op Wikipedia wat meer informatie over de albums te hebben opgezocht blijkt dat 'Birth of the Cool' ruim zeven jaar is opgenomen voordat hij daadwerkelijk verscheen. Er zit dus geen twee, maar 9 jaar tussen de twee albums. Toch vind ik dat het punt dat Davis zich steeds vernieuwde nog steeds opgaat, ook al zit er wat meer tijd tussen.


Verhaal 12: Chet Baker, de artiest met de magnifieke stem en trompetspel. In 1956, in de jaren-50 zijn toch wel echt veel onvergetelijke jazzalbums opgenomen, kwam hij met het album 'Chet Baker Sings'. Het eerste album waarop hij zijn stem liet opnemen. De instrumenten van een hoop geweldige muzikanten en de stem en trompetspel van Chet Baker geven dit album iets betoverend. Ik denk dat veel mensen die dit album luisteren dat zelfde gevoel over zich heen krijgen. Nee, de stem van Baker heeft niet het grootse bereik, maar juist omdat de stem heel erg rechtlijnig is klinkt ie als een nachtegaal. Helaas, in 1988 valt Chet uit het raam van z'n hotelkamer in Amsterdam. Toen was de wereld heel plots een groot talent kwijt. Ik weet niet of Chet geloofde in een leven na de dood, maar ik hoop oprecht dat hij nu in beter oorden verkeerd. Één ding staat vast, muziek maken kon hij als geen ander.

       

 
    

  

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

LinkWithin

Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...